Hoe leg je aan je tante uit wat een Garantie van Oorsprong is en waar het voor dient?

Of nog: is groene stroom vergelijkbaar met biologische aardappelen?

Steeds meer gezinnen en bedrijven sluiten contracten voor groene elektriciteit af, wat een positieve ontwikkeling is. Maar dit roept ook vragen op: hoe werkt groene stroom eigenlijk? En hoe kun je via een contract garanderen dat je stroom afkomstig is van hernieuwbare bronnen zoals wind, zon, waterkracht of aardwarmte? Het is niet eenvoudig om het concept van groene stroom uit te leggen, omdat elektriciteit heel andere eigenschappen heeft dan bijvoorbeeld een fles wijn of andere ‘normale’ producten.

Er zijn mensen die beweren dat groene stroom vaak gewoon afkomstig is van aardgas- of kerncentrales, waar vervolgens een groen label op wordt geplakt. Maar dit is een misleidende vergelijking.

Je kunt elektriciteit namelijk niet fysiek labelen zoals je dat wel kunt doen met een fles wijn. In het elektriciteitsnet zijn alle elektronen gelijk, en alleen de wetten van de fysica bepalen hun beweging, niet een contract of regelgeving. De enige manier om transparantie te bieden over de oorsprong van de stroom is dus door een betrouwbaar en waterdicht systeem op te zetten dat de productie nauwkeurig bijhoudt. Dit systeem staat bekend als de Garantie van Oorsprong (GO).

Wat is een Garantie van Oorsprong precies?

Een Garantie van Oorsprong (GO) is een instrument dat elektriciteit uit hernieuwbare bronnen labelt, zodat elektriciteitsklanten informatie krijgen over de herkomst van hun stroom. Kort gezegd is een GO een ‘groen label’ dat garandeert dat 1 MWh elektriciteit is opgewekt met hernieuwbare energiebronnen. Wanneer een klant stroom koopt die gecertificeerd is met een GO, weet hij zeker dat hij groene stroom afneemt. Na verkoop van de stroom moet de GO uit de roulatie worden genomen en vernietigd worden, zodat de stroom niet opnieuw als ‘groen’ kan worden verkocht. Op deze manier zorgt de GO ervoor dat een groen stroomcontract betrouwbaar is.

Kritiek op GOs

Sommige consumenten vinden het moeilijk te begrijpen dat bijvoorbeeld Noorse GOs kunnen worden gebruikt om groene stroom in Vlaanderen te garanderen. Veel GOs die worden uitgereikt aan Noorse hydro-installaties worden inderdaad overgebracht naar België, Duitsland en andere landen. Dit zorgt ervoor dat de elektriciteit die in Noorwegen wordt verkocht hoofdzakelijk ‘grijs’ wordt, en dus niet langer als afkomstig uit hernieuwbare bronnen kan worden beschouwd. Dat doet sommigen twijfelen aan het realiteitsgehalte van het GO-systeem en dus van groene stroomcontracten. Klanten kunnen dit mechanisme waarbij de groene oorsprong van elektriciteit verschuift, begrijpen, maar is het niet voldoende dat er een objectief en betrouwbaar systeem is waar elektriciteitsklanten op kunnen vertrouwen?

Een criticus gebruikte eens de ‘aardappelmetafoor’ om zijn punt te maken. Hij maakte een analogie van biologische aardappelen die worden gemengd met gewone aardappelen, waarna een label (GO) wordt gemaakt om de biologische aardappelen te certificeren. Natuurlijk zouden consumenten niet overtuigd zijn met een label dat garandeert dat 50% van de aardappelen in de zak van bio-oorsprong zijn. Dat zou nergens op slaan. Deze metafoor loopt dan ook mank om twee redenen.

Ten eerste kunnen biologische aardappelen apart worden verpakt en gelabeld, waardoor een aparte GO niet nodig is. De metafoor zou alleen geldig zijn als alle aardappelen op dezelfde transportband worden vervoerd, net zoals elektriciteit van verschillende bronnen op hetzelfde netwerk wordt getransporteerd.

Ten tweede is er een fundamenteel verschil tussen biologische en niet-biologische aardappelen, terwijl elektriciteit van hernieuwbare bronnen en die van niet-hernieuwbare bronnen in wezen exact hetzelfde zijn. Stroom is stroom, ongeacht de bron.

Toch zijn er steeds meer klanten die bereid zijn te betalen voor groene stroom uit hernieuwbare energiebronnen, omdat ze zekerheid willen over de herkomst van hun stroom. Dit is een positieve ontwikkeling. Maar omdat er geen onderscheid kan worden gemaakt tussen elektronen afkomstig van verschillende bronnen, betalen klanten in feite voor de zekerheid dat de stroom die ze kopen, afkomstig is van hernieuwbare bronnen en slechts één keer wordt verkocht. Dit wordt mogelijk gemaakt door het GO-systeem, dat de balans opmaakt van de hoeveelheid elektriciteit die wordt geproduceerd uit hernieuwbare bronnen en de verkoop ervan.

Er is behoefte aan meer dialoog en debat over wat groene stroom precies is of zou moeten zijn. Ook moeten elektriciteitsleveranciers de klanten beter informeren over de herkomst van de geleverde stroom. Een mogelijke oplossing is om het GO-systeem uit te breiden naar stroom afkomstig van aardgas- en kolengestookte elektriciteitscentrales en kerncentrales, een concept dat ‘full disclosure’ wordt genoemd. Zo wordt een eerlijk speelveld gecreëerd en worden de kosten van het bewijzen van de (duurzame) oorsprong van elektriciteit niet alleen afgewenteld op producenten van hernieuwbare energie.

Reacties meer dan welkom!

Ben je op zoek naar een inspirerende spreker of adviseur over hernieuwbare energie? Wie kan uitleggen hoe duurzame energie betrouwbaar wordt gemaakt door middel van Energy Attribute Certificats zoals Garanties van Oorsprong?  Ik hou van de uitdaging om deze complexe realiteit op een begrijpelijke manier uit te leggen. Stuur me een bericht op dirk@2degNRG.eu en ik neem snel contact met je op.